Deze website maakt gebruik van cookies

CCE maakt standaard gebruik van functionele en analytische cookies. Overige cookies plaatsen we alleen met jouw toestemming. Je kunt alle cookies accepteren of specifieke keuzes maken via de aangepaste instellingen

Meer informatie over cookies op deze website

Cookie instellingen

Selecteer de cookies die je wilt accepteren. Je kunt meer lezen over cookies en jouw privacy in onze statement.

Cookie-opties

Cookies die noodzakelijk zijn voor het functioneren van de website.

Analytische cookies houden anoniem bezoekgegevens bij die wij gebruiken om onze website te verbeteren.

Analytische cookies die extra tracking van webstieverkeer mogelijk maken om de website te verbeteren. Denk aan het gebruik van Hotjar voor het uitvragen van feedback op onze website.

Cookies van derden, zoals Youtube, Vimeo en Springcast, die worden uitgezet op onze website. Op onze website ontsluiten wij content van deze diensten voor o.a. video’s en podcasts. Deze cookies worden gebruikt om gepersonaliseerde aanbevelingen te geven en advertenties te tonen binnen video’s.

Persoonskenmerken

Cognitieve niveau; denk hierbij aan het leervermogen, taalgebruik, begrip, kennis, herinneringen en geheugen van de cliënt. Hoe lost de cliënt problemen op en hoe verloopt de informatieverwerking?
 

Sociaal emotionele-niveau; wat kan de cliënt emotioneel aan, uiting van zijn emoties, verbale regulatie van emoties, hanteren van emoties, moduleren van duur en intensiteit van emoties.
 

Communicatieve niveau; wat begrijpt de cliënt en wat kan hij duidelijk maken ook in tijden van stress, wordt er ondersteunende communicatie gebruikt?
 

Disharmonisch profiel; is er een verschil tussen de sociaal emotionele ontwikkeling en de cognitieve ontwikkeling, is het taalgebruik overeenkomstig het taalbegrip en is dit overeenkomstig het vermogen om te handelen?
 

Stress (copingstijl); hoe gaat de cliënt om met psychische stress (omgaan met een probleem) en lichamelijke stress (pijn, lichamelijk ongemak). Probleemgedrag uit zich bij een tekortschietende coping.
 

Seksuele ontwikkeling: wat weet de cliënt van seksualiteit, hoe denkt hij / zij hierover, welk seksueel gedrag laat hij / zij zien en wat is de seksuele voorkeur?
 

Zintuiglijke informatieverwerking; hoe is de samenwerking tussen het waarnemen (zien, horen, ruiken, proeven, tast, evenwicht en positiezin) en de activiteit die daar op volgt bij de cliënt? Denk onder andere aan: geen gevaar zien, angstig, druk en onhandig gedrag, evenwichtsproblemen, schrikken van aanrakingen.